Rutte zadelt volgend kabinet met enorme staatschuld op

De Rijksbegroting is op het moment flink uit balans en dit is terug te zien in de staatsschuld. Deze is in de afgelopen maanden enorm gestegen, met meer dan 40 miljard euro, dat meldt het CBS. Nooit eerder in het afgelopen decennium steeg het begrotingstekort en de staatsschuld zo snel als afgelopen jaar. In het tweede kwartaal van 2020 was het kassaldo van het Rijk zelfs negatief met ruim 24 miljard. Een absoluut record. 

Eind 2019 was premier Rutte tijdens een van de wekelijkse persconferenties bij Nieuwspoort al enigszins ongerust vanwege de metaforische ‘gure winden uit het buitenland’, waardoor de economische groei ook in dat jaar al werd geremd. Maar die gure wind werd al snel een spreekwoordelijke tyfoon. In 2020 liep het uit de hand en werd de eerste lockdown ingesteld in het kader van de bestrijding van het coronavirus, waardoor tal van economische sectoren werden geblokkeerd in het maken van omzet.

Het kabinet, onder leiderschap van VVD en CDA en aangevoerd door de Grote Vier (Hoekstra, Rutte, De Jonge en Grapperhaus) stelden na het instellen van de eerste ‘intelligente lockdown’ vrijwel direct economische steunpakketten in om daarmee de getroffen sectoren te ondersteunen. Die hulp werkte op korte termijn, maar ondertussen dreigt de Rijksbegroting uit zijn voegen te klappen.

Het economisch herstel is dan ook nog niet echt zichtbaar: zo mogen sinds vandaag de kappers weer open, maar dat zet natuurlijk weinig zoden aan de dijk. Ook zijn tal van belangrijke sectoren nog steeds geblokkeerd door de coronamaatregelen, zoals toerisme en horeca. De steunpakketten verlichten de economische problemen dus wel op de korte termijn, maar over enkele maanden moet er een duurzame oplossing komen om te voorkomen dat de Rijksbegroting uit zijn voegen klapt en de Europese begrotingsnormen structureel worden overschreden.

Het echte probleem moet dan ook nog komen: door de steunpakketten NOW, TOZO en andere, is het eigenlijk heel erg onduidelijk wat de werkelijke status is van de Nederlandse economie, immers heeft het kabinet met de programma’s het belangrijke prijsmechanisme in de economie verstoort: de vraag naar- en aanbod van arbeid. Hierdoor ‘werken’ juridisch gezien allerlei mensen nog, maar ontvangen ze eigenlijk een uitkering uit een van de steunprogramma’s. Het kan dus zomaar zijn dat de economische crisis eigenlijk ernstiger is dan we nu aan de oppervlakte zien -en zelfs dan nog ziet het er dramatisch uit. De steunpakketten geven dus waarschijnlijk een vertekend beeld, vooral van de daadwerkelijke werkloosheid.

Onder meer door deze steunpakketten komt de staatsschuld dit jaar te liggen op zo’n 379 miljard euro. Dat is ruim 42 miljard meer dan een jaar eerder.

Als de patronen die het verloop van de omvang van de staatsschuld in de afgelopen tien jaar bepaalden nog steeds bestaan -wat waarschijnlijk is- dan is het realistisch om te voorspellen dat de staatsschuld in 2025 tot 450 miljard euro of zelfs 500 miljard euro oploopt. Gecombineerd met economische krimp zou dit doemscenario ook betekenen dat Nederland zich niet langer aan de Europese begrotingsrichtlijnen kan houden. En daarmee in het rijtje Griekenland, Spanje en Italië terecht komt. Net als andere grote EU-landen overigens, zoals Frankrijk. Het begrotingstekort mag vanuit Brussel jaarlijks niet meer zijn dan 3% van de begroting, terwijl de totale staatsschuld naar verhouding van het Bruto Nationaal Inkomen niet meer mag zijn dan 60%. Nederland schendt op dit moment al deze afspraken en bungelt ergens in het midden, onder Hongarije, Malta en Bulgarije.

Kortom: de Rijksbegroting ziet er enorm beroerd uit. De economische krimp is ‘juridisch’ gezien wellicht rond de 5,4% over 2020, maar is feitelijk ruim 5% meer door het vertekende beeld van de steunpakketten, die ook een keer aflopen. Echter lijkt de urgentie van dit probleem totaal onderkend, en zien we in de politieke partijprogramma’s voor de Tweede Kamerverkiezingen weinig realisme terug. Ook de VVD en het CDA -traditioneel partijen die voor een solide begroting pleiten- lijken door de situatie uit het lood geslagen en met de steunpakketten hun kruit ‘te vroeg te verschieten’.