Europese Unie vraagt Zuid-Korea om de doodstraf los te laten, Amnesty stuurt brieven in

De ambassadeurs van de Europese Unie roepen Zuid-Korea en andere landen op om de doodstraf uit het wetboek van strafrecht te halen. In Zuid-Korea zijn sinds 1998 ongeveer 60 personen geëxecuteerd na een veroordeling door een rechter. De Europese ambassadeurs merken op dat er sinds ’98 meer voorzichtigheid is met de straf, maar dat deze nog steeds wordt uitgesproken en voltrokken.

De Europeanen herinneren de Koreaanse regering in het Blauwe Huis eraan dat het land zelf een onderzoek deed naar de doodstraf en dat de ‘Nationale Mensenrenchtencommissie’ de aanbeveling deed om op termijn de doodstraf te laten vallen. De aanbevelingen van de Nationale Mensenrechtecommissie zijn echter niet volledig overgenomen en mensen worden in Zuid-Korea nog steeds ter dood veroordeeld.

De EU is echter content met het feit dat het Grondwettelijk Hof weldra een beoordeling zal geven van de mate waarin de doodstraf binnen de grondrechten van Zuid-Korea past. Hierdoor is het mogelijk dat het Constitutioneel Hof een uitspraak gaat doen die het afschaffen van de Koreaanse doodstraf zal versnellen.

De ambassadeurs van de Europese Unie laten weten met nieuwsgierigheid uit te zien naar dit juridische onderzoek naar de strafmaten. De NGO’s Amnesty International en de Internationale Commissie tegen de Doodstraf hebben voor dit proces ook brieven ingestuurd naar het constitutioneel hof met daarin verwerkt argumentaties over waarom het goed is de uitvoer van de doodstraf te stoppen. De Korea Times meldt dat ‘de doodstraf inhumaan is en geen rekening houdt met juridische fouten omdat de doodstraf onomkeerbaar is’.